Campers, oesters & druiven

Wij hebben een camper. En sinds kort zijn we lid van France Passion.
Dit lidmaatschap verschaft ons het bizarre recht met de camper te mogen overnachten bij een Franse wijnboer. Voor nop!

Gevolg is dat wij tegenwoordig op de mooist denkbare plekken onze campingstoeltjes uitklappen. Geen hossende Hollanders meer om ons heen, maar overnachten bij een echt wijnchateau. Uitkijkend over de glooiende wijnvelden van Châteauneuf-du-Pape. Of bij een wijnboerderij in de Languedoc, waar de kippen zich gezellig onder de camper nestelen. En overal is wijn, kelders vol met wijn… Waar je komt, staat de eigenaar al klaar om je zijn juweeltjes te laten proeven, liefst in zijn eigen met vaten gevulde cave à vin.
En dan zitten we opeens voor de camper, omringd door wijnstokken. In de barbecue smeult wat wijnrankhout, want barbecueën op houtskool, dát kan volgens de gastvrouw niet. De halflege fles op tafel lag een uurtje geleden nog in hun cave. Het cliché is waar: zo smaakt wijn altijd goed. Ik ben mijn objectiviteit al kwijt bij het zien van de eerste wijngaard. We nemen daarom altijd een paar doosjes mee voor thuis. Om kritisch te blijven…
Er zijn trouwens ook andere boeren aangesloten bij France Passion. Tijdens ons bezoek aan een oesterfarm aan de Bretonse kust vroeg ik mij af of er een acute – door overconsumptie veroorzaakte – schelpdierenallergie bestaat. Zo vers! Een nachtje bij een slakkenkwekerij bezorgde mij angstdromen over miljoenen muitende weekdieren. Maar wat waren ze lekker! En je kan ook langs bij fruitboeren, champignonproducenten en veehouders; de basis van heel culinair en vineus Frankrijk is met de camper te bezoeken.
Maar het allermooiste blijven voor mij de wijnboeren. Als ik dan ’s avonds in mijn camperbedje kruip – omringd door al die vlijtige druivenstokken – val ik in een gelukzalige, ontspannen slaap. Om vervolgens om vijf uur ’s ochtends bruut gewekt te worden door een overactieve haan. Maar dat neemt dit stadsmeisje dan maar op de koop toe…